Chaostheorieën

Chaostheorieën

Dat de tijden zo chaotisch zijn, zei ze, met nog wat slaperige ogen, die ochtend aan de kerstbrunch. Dat er zoveel op ons afkomt, en dat iedereen zijn weg kwijt lijkt te zijn. Behalve een paar extreme mensen, die dan weer denken dat er maar één juiste weg is. En het liefst voor iedereen. Allen in het gareel.

Mijn lieve moeder. Ze leek zelf een beetje verloren in de chaos, met kerstavond aan de lange kersttafel. Opgaand in de luidheid van de vele mensen aan tafel. Kinderen, kleinkinderen, een achterkleinkind. Zoveel gesprekken door elkaar, zoveel geroezemoes, zoveel mogelijkheden, dat je het al zou opgeven om één gesprek of gedachtelijn te volgen. En dat doet ze soms dan ook. Het een beetje opgeven. Verloren in de veelheid.

En eigenlijk staat mijn moeder die kerst een beetje symbool voor hoe de wereld zich tegenwoordig collectief voelt, bedenk ik dan. Zoveel mogelijkheden, zoveel wegen, zoveel wirwar, dat je af en toe zou denken: ach, laat maar.

"En misschien verwoordt zij wel hoe iedereen zich tegenwoordig een beetje voelt: verloren in het geroezemoes, verloren in de veelheid, in de chaos..."

Natuurlijk is het een beetje de leeftijd. Maar het is ook heel erg de tijd waarin we leven, zeg ik haar. Alles gaat zo snel. Er is zoveel. Ben je net mee met iets, komt er weer iets anders aanwaaien. En iedereen heeft een mening. Over alles, en over niets. Is er nog wel een waarheid, iets waar je je aan vast kunt houden?

Het zijn inderdaad chaotische tijden. Zo chaotisch dat je niet goed ziet waar het naartoe kan gaan. We proberen zo gecontroleerd te leven, zo gestructureerd en in vakjes, dat we niet eens meer weten waar chaos goed voor is, waar chaos naartoe leidt. Leidt het wel ergens heen?

En dan moet ik denken aan dat ene gesprek dat ik enkele jaren geleden had met die bijzondere vrouw. Lisinka Ulatowska, meer dan 40 jaar werkzaam bij de Verenigde Naties. Ijverend voor vrouwen, minderheden, en ook – zoals ze dat zo mooi zei – voor planetary consciousness. En hoe zij vertelde dat een Russische Belg ooit de Nobelprijs won voor zijn theorie: Ilya Prigogine. De man werkte met systemen. In een systeem zijn alle onderdelen in balans. Maar hij zag dat systemen op een punt komen dat ze volledig uit balans dreigen te raken en dan evolueren naar een hoger, of vervallen naar een lager systeem.

Eén proef illustreerde zijn theorie heel goed: op water werden verschillende oliën gegoten, gele, blauwe… Als een kaleidoscoop vormden ze een patroon. Iedere kleur in een aparte laag. Liet je daar elektriciteit door stromen, ontstond er eerst volledige chaos, alsof elk partikeltje het noorden volledig kwijt was, en dan plots – poef! – kreeg je een heel nieuw patroon. Práchtig. Werd er een sterkere of zwakkere stroom door het geoliede water gelaten, kreeg je weer die chaos en dan weer prompt – als met een vingerknip – een nieuwe tekening. “Tussen het ene patroon en het andere is er altijd een periode van gigantische verwarring,” vertelde Lisinka Ulatowska, “alsof elk partikeltje als in een wriemelende mierenhoop op zoek gaat naar zijn nieuwe plek.”

En dat is wat volgens haar aan het gebeuren is in de mensheid, vertel ik mijn moeder die ochtend tussen twee dampende koppen kerstthee in. Iedereen wordt uitgenodigd zijn oude plek, zijn oude overtuiging, zijn oude vastgeroeste systeem te verlaten en door de toegenomen energie – of noem het drukte, noem het prikkelingen, noem het stress – in beweging te schieten, uit de comfort zone te stappen en een nieuwe, aangepaste plaats te zoeken die past in het toekomstige systeem.

Maar hoe vermoeiend die wriemelende volksverhuizing ook is, hoe oncomfortabel de toegenomen stroom ook aanvoelt, vroeg of laat krijgen we weer een patroon, prompt, als bij toverslag. En dan valt alles weer in zijn plooi en komt alles weer tot rust. En dan kunnen we weer voort, voor een tijdje.

Of het een hoger systeem of een lager systeem zal worden, zal afhangen van de energie die we door de krioelende mierenhoop laten stromen. Kerst is niet eens zo’n slecht moment om daarover na te denken. Misschien inspireert het ons wel, zoals de soldaten in de eerste wereldoorlog, om samen een partijtje voetbal te spelen, in plaats van elkaar te bekogelen. Een mooi idee. Twee elftallen, twee goals, en een bal. Maar vooral een gevoel van vriendschap, van menselijke verbondenheid en van spel. Overgoten door een allesoverheersend gevoel van: waar zijn we in godsnaam mee bezig…?

Het zou een mooi patroon zijn.

Let’s disturb the comfortable and comfort the disturbed, zei een Engelse vriendin eens. Een slagzin die mooi aansluit bij deze chaostheorie. Laten we wie vastgeroest is, weer in beweging trekken, en wie de weg kwijt is, helpen een goeie plek te vinden.

En wie weet krijgen we daarvoor als verloning, zo met kerst 2020, allemaal wel onze eigen kleine Nobelprijs.

​​

Featured Posts
Recent Posts