Seksuele revolutie

Ik hou wel van mensen die aan de wortels werken. Die fundamenten durven aanpakken. Ook al houden de meeste mensen daar niet zo van. Te vergezocht. Te idealistisch. Te dit of dat. We houden ervan om façades op te poetsen, zaken een nieuw laagje verf te geven. Het helpt ook wel. Tijdelijk. Het geeft een goed gevoel, alsof we de zaak aanpakken. Maar iedereen die huizen verbouwt, weet dat het beste werk gebeurt als je poreuze muren sloopt en een nieuwe chape durft te leggen. Of als het moet zelfs het hele gebouw afbreekt en opnieuw begint.

Keulen heeft ons aan het denken gezet. Niet dat we daarvoor niet dachten. “Het thema seksisme staat op barsten”, zei journaliste en antropologe Cathérine Ongenae me enkele maanden geleden nog, toen ik haar sprak over haar nieuwe boek #Seksisme. Over hoe diep seksisme, ook in ons land, nog verdoken zit. En hoe we nog steeds niet uitgepraat zijn. Die weken na het uitkomen van haar boek bleef het oorverdovend stil. Blijkbaar verhitte het thema de gemoederen niet meer. Tot een groep mannen besloot met oudjaar een paar steden onveilig te maken. En massaal lieten zien dat vrouwen aanpakken nog steeds een strategie is om een volk te ontkrachten. Want het verhaal van Keulen ging niet over lust, maar over intimidatie.

Keulen heeft mij ook aan het denken gezet. Niet omdat ik concreet weet hoe we het probleem moeten aanpakken van buitenlandse mannen die onze waarden onvoldoende kennen. Niet omdat ik weet hoe we de vele subtielere uitingen van seksisme in eigen land moeten aanpakken. Niet omdat ik oplossingen kan aanreiken aan al die jonge meisjes (één op twee, zo blijkt uit het boek #Seksisme) die beweren dat ze ooit al een seksuele daad hebben toegelaten die ze eigenlijk zelf niet wilden – met gewone blanke jongens van bij ons dus. Wat voor mij wel veel zegt over wat er van meisjes verwacht wordt in onze seksueel bevrijde samenleving. Over de sociale druk die op hen weegt. En over hoe dringend het wordt dat meisjes – én jongens, laten we hen zeker niet vergeten – hun eigen grenzen leren voelen én aangeven. De eigen grens is een legitieme grens, welk van de drie geslachten je ook hebt.

Maar los hiervan heeft het me doen nadenken over een gesprek dat ik enkele maanden geleden had met Reinoud Eleveld. Een Nederlandse tao-instructeur die inmiddels al meer dan 30 jaar geïnvesteerd heeft in het zich eigen maken van de oude Chinese leer van de seksuele kungfu. Een leer die mannen en vrouwen leert hoe de seksuele energie niet alleen voor voortplanting of plezier te gebruiken, maar meer nog: voor transformatie. Een aspect dat wij hier totaal niet kennen, wat – volgens de taoïsten – mee bijdraagt aan het verzieken van onze maatschappij.

Hij vertelde hoe seksueel onderontwikkeld ons zogezegde vrije Westen is. De seksuele revolutie van de jaren ’60, ’70 wilde ons bevrijden van de onderdrukking van seksualiteit door de kerk – en heeft dat ook gedaan. Maar hij legde ook uit hoe het bij revoluties de bedoeling is dat we daarna in een hogere beschaving terechtkomen. Dat is ook wat we

GELIEVE NIET TE REAGEREN VIA DEZE WEG AUB / TECHNICAL PROBLEMS ;-) (Sorry, deze balk hoorde hier niet, maar hij wil niet luisteren. Ik krijg hem ook niet weg, dus liever niet reageren via deze weg aub, want dan worden delen van de tekst hieronder voor de volgende lezers onleesbaar... ;-@)

hoopten van de Arabische revolutie; dat een dictatuur een democratie zou mogen worden. Maar enkele jaren nadien is het nog erger dan ervoor. Net zo bij ons: we hebben ons bevrijd van de seksuele onderdrukking, maar in plaats van een seksuele beschaving – die volgens het Taoïsme meer gezonde, fitte, krachtige, bewuste en wijze mensen voortbrengt – kregen we een vacuüm, waarin van alles kon gedijen, zoals de uitgesproken pornograficering van de seksualiteit die we nu kennen. Omdat in feite niemand weet hoe je een seksuele beschaving opbouwt. Net zoals niemand in landen als Lybië of Irak weet hoe je een democratie moet installeren, zegt hij. En dan krijg je chaos. Omdat de kennis en de achtergrond ontbreken.

Meer seksueel bewustzijn kan een hele samenleving veranderen, zegt Reinoud Eleveld. Klinkt als een wat te simplistische kijk op de werkelijkheid, wellicht, maar er zit wel een punt in. Als je gaat kijken naar fundamenten, kom je bij basisgegevens uit. De manier waarop wij omgaan met seksualiteit – of de spanningsboog tussen mannen en vrouwen – is één van de basissen van een maatschappij. Hoe gezond dat spanningsveld is, kan dus veel bepalen.

Is wat we nu kennen de samenleving die we nastreefden toen naaktheid, vrijheid en seksualiteit de boventoon vierden in de Flower Power-periode of de Glamourous Seventies? Mannen van vijftig kijken op het internet naar Russische meisjes van achttien. Onze jongens leren wat seks is via onrealistische pornobeelden op hun tablet of gsm. Meisjes leren over vrouwelijke seksualiteit via onze beeldcultuur. Ze leren dat ze zich zo uitdagend mogelijk te kleden hebben, maar we vergeten hen te vertellen dat dit mannen dan ook wel werkelijk seksueel opwindt. En als dit hen – door de banaliteit en dagelijksheid van de beelden – niet meer opwindt, dan zullen zij steeds prikkelender beelden nodig hebben om dat wél te doen. Ondertussen wordt mannen wel met klem gezegd dat ze niét seksueel opgewonden mogen raken, of indien ze dat wel zijn, dat ze zich absoluut moeten inhouden. Maar hoe mannen dat dan moeten doen, wordt hen niet geleerd. “Mannen doén het wel”, zei psycholoog Arend van Rietschoten me ooit, een man die al jaren mannenworkshops begeleidt en dus weet waarover hij praat. “Ze hebben geleerd zichzelf te veroordelen als ze seksueel opgewonden raken bij een pril jong meisje, of een naakte vrouw, of zelfs een andere man. Er wordt vaak met minachting over mannelijke seksualiteit gesproken, ook door mannen zelf, terwijl het juist hun krachtbron is. Dat is een pijn die in mannen leeft.” Geen kleine zaak op zich.

Nergens worden ons de wetten van een seksuele beschaving gegeven, waar vrouwen én mannen hun seksuele energie vrij kunnen laten stromen, zodat het hen beiden deugd doet, zonder dat daar ongewenste situaties uit voortkomen. Er wordt wel verondersteld dat je dat automatisch doet, maar niemand leert je hoe.

Het zou niet slecht zijn als we ons daarvan bewuster werden. Denk ik dan, terwijl ik na Keulen het verbaal geweld op de sociale media los zie barsten en de argumenten alle richtingen zie uitslaan, behalve naar de diepte. En ik bedenk dat onze fundamenten misschien een beetje vermolmd zijn. En dat een verflaagje daaraan niet zal voldoen. Ik weet het, lang niet iedereen zal zich door dit idee aangesproken voelen. Niet iedereen wroet graag een vloer open, je weet nooit wat je in die riolen ontdekt. En toch zijn al 60.000 vrouwen in Nederland ermee bezig, zegt de tao-man. Met de wetten van de seksuele beschaving te leren, aan den lijve. En proberen die dappere vrouwen ook de mannen mee te krijgen.

En kijk, dat geeft dan wel hoop. Misschien wordt het geen revolutie, maar eerder een evolutie deze keer. En wordt de ondergrond gewoon langzaam losgewroet en gevoed met nieuwe ideeën. Die dan vroeg of laat als frisse bloemen het daglicht mogen zien. Ik zou zeggen: hou Nederland in het oog. Daar ontpopt vroeg of laat een nieuwe tulpenrevolutie.

Meer lezen:

Het interview met Reinoud Eleveld over Seksuele Kungfu.

Het interview met Arend van Rietschoten over man-vrouw-verhoudingen.

Het interview met Cathérine Ongenae over Seksisme.

Featured Posts
Recent Posts